Interview

Avonturier uit het Rifgebergte

Avonturier uit het Rifgebergte

Toen hij zelf de eerste keer in het UMC Utrecht kwam, bij een vriend op bezoek, viel het hem al op; ‘Wat is het hier schoon’. Nu is Abdelhij (‘iedereen noemt mij Abdel’) Zarbouw (55) één van die mensen die daar mede verantwoordelijk voor is. Al twintig jaar werkt hij met heel veel plezier als schoonmaker in het UMC Utrecht. Niet in dienst van het ziekenhuis, maar via een schoonmaakbedrijf. Al jong zat het avontuur in zijn bloed. In zijn vrije tijd avonturiert hij nog steeds. Een monoloog:

‘Er op uittrekken, het avontuur zoeken, was voor mij toen al een manier van leven’

“Ik was 25 jaar toen ik vanuit mijn geboorteplaats Al Hoceima in het Rifgebergte naar Nederland kwam. Al Hoceima is een Marokkaanse havenstad en badplaats, gelegen aan een baai aan de Middellandse Zee, in het centrum van het Rifgebergte in het noorden van Marokko. Al jong werkte ik na schooltijd in de vissershaven. Als verdienste kreeg ik dan vis, die ik mee naar huis nam. Er op uittrekken, het avontuur zoeken, was voor mij toen al een manier van leven. Toen ik jonger was, deed ik dat georganiseerd met leeftijdgenoten. Later trok is er zelf op uit, soms alleen, soms met een vriend. De langste tijd dat ik in Marokko aan het trekken ben geweest is twee jaar. Ik heb toen 2000 kilometer afgelegd. Onderweg zocht ik steeds werk, want ik moest natuurlijk wel geld verdienen om te kunnen leven. Ik kreeg geen pak geld mee van mijn ouders. Ik zocht wel altijd plekken op in de natuur. Natuur en dieren zijn voor mij belangrijk. Allerlei baantjes heb ik in die tijd gedaan, automonteur, autoschadehersteller, koelkastreparateur, timmerman, loodgieter. Noem maar op. Ik pakte alles aan. Op zoek naar vrijheid heb ik besloten om Marokko te verlaten. Omdat ik ging trouwen met een Marokkaanse vrouw in Nederland, die ik al eerder had ontmoet, kon ik mij in Nederland vestigen, zonder eerst een asielprocedure te hoeven doorlopen.

Na aankomst in Nederland, in 1991 woonde ik in Den Haag  en daar werkte ik in de horeca. Na twee jaar ben ik van Den Haag naar Utrecht verhuisd. Ook in Utrecht ben ik begonnen in de horeca. Ongeveer twintig jaar geleden ben ik bij een schoonmaakbedrijf gaan werken. Dat bedrijf plaatste mij in het UMC Utrecht en daar ben ik nooit meer weggegaan. Er werken drie groepen schoonmakers in het UMC Utrecht, een eigen schoonmaakdienst en medewerkers van twee verschillende schoonmaakbedrijven. 

Dat avontuurlijke heb ik altijd wel gehouden. Ik trek er graag op uit. Ik zoek dan altijd de natuur en de zee op. De ene keer trek ik door Zuid Europa en de andere keer door Nederland. Ik ga nog wel regelmatig terug naar Marokko. Niet mijn hele vakantie, maar korte periodes. Tot acht jaar geleden deed ik dat altijd met de auto, maar sindsdien alleen nog maar met het vliegtuig. Ik vlieg dan op Casablanca, ga naar Rabat, blijf daar een paar dagen en ga dan door naar mijn geboortestad Al Hoceima. Terug maak ik dan de omgekeerde reis. In Rabat woont mijn vader, mijn moeder is al lang overleden. Hij is inmiddels in de tachtig, dus je weet niet hoe lang hij nog leeft. Wij waren thuis met zeven kinderen, vier meisjes en drie jongens. Ik woon in Nederland, evenals een jongere broer. De andere vijf wonen nog in Marokko. Eén zelfs nog in onze geboorteplaats. 

‘Waar ik werk, maakt mij niet zoveel uit, wel het liefst op plekken waar ik veel contact met mensen heb’

In die twintig jaar UMC heb ik op heel veel afdelingen gewerkt. De IC, op poli’s, in het WKZ, in laboratoriums, in cleanrooms, in het Heijmansgebouw, ik heb de collegezalen schoongemaakt en heb lang gewerkt in het Juliuscentrum. Een schoon ziekenhuis vind ik heel erg belangrijk. Waar ik werk, maakt mij niet zoveel uit, wel het liefst op plekken waar ik veel contact met mensen heb. Ik ben vaak degene die begint met praten, en de meeste mensen vinden dat wel leuk. Daarnaast vind ik het fijn om mensen te kunnen helpen. In het Juliuscentrum heb ik met het meeste plezier gewerkt. Maar fysiek werd dat te zwaar voor mij, daarom ben ik elders gaan werken. Dat was wel jammer. In het Juliuscentrum (Het Julius Centrum is een kenniscentrum voor Gezondheidswetenschappen en Eerstelijnsgeneeskunde, onderdeel van het UMC Utrecht. J. De J.) kreeg ik van de mensen die daar werkten ook de hoogste waardering van alle plekken waar ik heb gewerkt. Dat was fijn te merken. 

‘Schoonmaken is lichamelijk zwaar werk’

Ik vind het mooi in het UMC Utrecht te werken, omdat het een topziekenhuis is. Op medisch gebied gebeuren er hele belangrijke dingen. Ze zijn steeds op zoek om het beter te doen. Ze ontdekken steeds nieuwe dingen, waardoor mensen kunnen genezen. Dat vind ik mooi. Ik voel me er ook heel erg thuis. Schoonmaken is zwaar werk, vooral lichamelijk. Maar het heeft wel een doel, schoonmaak is een serieuze zaak. Schoon is heel belangrijk. Thuis ben ik ook wel schoon, maar ik heb een poes en dat betekent dat je altijd wel haren vindt. In Marokko gaat de poes voor de hond. Poezen leven ook in huis en honden op straat. Ook heb ik een moestuin. Omdat ik in het oogstseizoen vaak op vakantie ben, geef ik veel van de producten weg. Maar dat is niet erg, iets geven aan anderen hoort een beetje bij onze cultuur. Als ik mensen iets geef, geeft dat mij energie. 

‘Iets geven aan anderen hoort een beetje bij onze cultuur’

Ik heb er nooit spijt van gehad dat ik in mijn eentje naar Nederland ben gekomen. Als ik  met pensioen ga, ga ik ook niet terug naar Marokko. In Marokko heb je veel te weinig vrijheden, er zijn veel te veel regels. Wel wil ik ergens in Zuid Europa gaan wonen, maar dat heeft te maken met het klimaat. Dat avontuurlijke zal ik altijd houden. En ik zal altijd een plekje opzoeken met mooie natuur en zee in de buurt.”

Deze website maakt gebruik van cookies

Deze website maakt gebruik van cookies Deze website toont video’s van o.a. YouTube. Dergelijke partijen plaatsen cookies (third party cookies). Als u deze cookies niet wilt kunt u dat hier aangeven. Wij plaatsen zelf ook cookies om onze site te verbeteren.

Lees meer over het cookiebeleid

Akkoord Nee, liever niet