Maarten van Elst
Interview

Leven lang UMC

Leven lang UMC

Het leven van Maarten van Elst (50), verpleegkundig specialist speelt zich grotendeels af in het UMC Utrecht. Hij is geboren in het AZU aan de Catharijnesingel, en werkt al zijn hele leven in het UMC Utrecht. Via MAVO, HAVO, en zijn master nu nadenkend om misschien ooit te promoveren. Zeg nooit nooit. Maar nu nog niet. Alles staat bij hem in het teken van de man met prostaatkanker. Een monoloog.

“Mijn moeder heeft veel in het ziekenhuis gelegen en zij vond dat ik wel de kwaliteiten had om ook in een ziekenhuis te werken. Zij zei: ‘Maarten, moet jij niet het ziekenhuis in?’ Zelf leek de horeca mij wel erg leuk. Ik was in die tijd nog best wel te beïnvloeden. Toen mijn moeder horeca hoorde, zei zij: ‘Horeca? Dan moet je altijd werken als mensen vrij zijn.’ Ik dacht toen: met de verpleging niet dan? In mijn MAVO-periode heb ik gesolliciteerd bij verschillende ziekenhuizen, waaronder het AZU. Ze vonden mij wel geschikt, maar eigenlijk nog te jong. Ik ben toen de HAVO gaan doen. Na de HAVO dacht ik: een stoere man gaat geen billen wassen. Daarom ben ik vervroegd mijn militaire dienstplicht gaan vervullen. Daar kwam ik er achter dat het mooi is om deel uit te maken van groepsprocessen, zodat je als team zaken voor elkaar kunt krijgen. In die periode kwam bij mij terug dat ik als verpleegkundige wilde werken. Omdat ik uit mijn MAVO-periode nog wist dat het AZU mij wilde hebben, heb ik ze gewoon gebeld. Een opleider die ik aan de lijn kreeg zei ‘Je belt op het juiste moment, als je volgende week kan komen voor een sollicitatiegesprek, kan je nog meedoen’. Het was een positief gesprek en ik kon aan de in-service opleiding beginnen. Het ziekenhuis zelf leidt je dan op. De eerste zeven maanden pre-klinisch in de schoolbanken en de rest van de periode van in totaal vier jaar vooral stages van een half jaar. De kracht van de in-service opleiding was dat je heel veel stages liep en daardoor heel veel disciplines leerde kennen. Iedere stage is meer ervaring.

'Het raakt mij als een patiënt weinig kans op overleven heeft'

In mijn vierde studiejaar kwam er op de afdeling KNO een vacature vrij. Ik heb gereageerd en gezegd: ik kan niet direct beginnen, maar willen jullie op mij wachten? Dat wilden ze. Tijdens mijn stage op de afdeling KNO had ik namelijk gemerkt hoe leuk en inspirerend werken op die afdeling is. KNO heeft een hele leuke patiëntencategorie, het team was heel ontspannen en leuk en het was heel erg verpleegtechnisch, veel doen, veel patiëntenbegeleiding. Mooi en dankbaar werk. Ik zou met mijn opleiding tot teamleider starten, toen ik werd gevraagd of ik drie maanden vervangend teamleider wilde worden. Dat zag ik als een mooie springplank. Daarna ben ik overgestapt naar oogheelkunde en werd daar teamleider. In die periode ben ik ook als mens gegroeid. Je hebt te maken met groepsprocessen en de vraag hoe krijg ik mensen mee? Na een paar jaar heb ik de uitdaging elders gezocht en ben ik teamleider van het kinderhartcentrum in het WKZ geworden. Daar kwam ik er achter dat alleen managementtaken mij meer energie kostte dan het opleverde. Bij oogheelkunde deed ik veel meer patiëntenzaken. De vacature bij oogheelkunde was nog niet opgevuld en ik ben teruggegaan. Daar was ik weer meer meewerkend voorman. Ik hield het gevoel dat ik meer betrokken wilde zijn bij de directe patiëntenzorg. Daar ligt mijn hart. Oogheelkunde en urologie gingen in die tijd samen. Ik werd senior verpleegkundige bij urologie. Er was geld vrijgekomen om binnen de kankerzorg verpleegkundig specialisten te gaan opleiden. En daar heb ik op gesolliciteerd en werd aangenomen. Het is tweejarige, pittige masteropleiding. Je moet je sociale leven in die twee jaar echt op een laag pitje zetten, maar daarna heb je het mooiste diploma wat er is. Je kunt er eigenlijk ‘alles’ mee.

Als verpleegkundig specialist doe je echt verpleegkundig werk, maar je wordt ook opgeleid om in het medisch domein te mogen werken. Je moet zorgzaam en helpend zijn en verantwoording durven nemen. Binnen urologie heb je een tweedeling, functionele urologie, die richten zich bijvoorbeeld op vergrote prostaat, kapotte plasbuis, alle urologische problemen behalve kanker. Oncologische urologie richt zich op  blaaskanker, peniskanker, nierkanker, teelbalkanker en prostaatkanker. Ik richt mij met name op mannen met prostaatkanker. Dat zijn de patiënten die ik van het begin af aan begeleid en behandel. Zij vormen een patiëntengroep binnen de oncologie waarvoor je als verpleegkundig specialist heel snel al zelfstandig dingen kan doen, waardoor de uroloog wordt ontlast. Een verpleegkundig specialist is het baken voor de patiënt het aanspreekpunt waar hij met zijn medische en verpleegkundige vragen altijd terecht kan. Er kan een patiënt met of zonder klachten binnenkomen. Zonder klachten heeft vaak te maken met gesprekken van mannen onderling. Ze praten dan met elkaar over psa-waarde of moeilijkheden bij het plassen. Die komen dan bij de huisarts, psa blijkt verhoogd en de huisarts stuurt ze door. Het is vaak een vergrote prostaat en geen kanker. Een patiënt met klachten heeft vaak al een vorm van uitgezaaide prostaatkanker. Het is best een trieste groep die overlijdt aan prostaatkanker. De uitzaaiingen bij prostaatkanker zijn vooral in de lymfeklieren en naar de botten. Ik blijf natuurlijk wel mens in mijn witte jas, maar het raakt me wel als een patiënt weinig vooruitzichten op overleven meer heeft. Die witte jas helpt mij ook om mij op de één of andere manier toch sterker te voelen. Het voelt als een soort schild om mij heen. Als je verbinding hebt met die patiënt mag een patiënt ook zien als het mij raakt. Bijvoorbeeld als een patiënt niet meer te genezen is. Maar ik kan ook plezier met ze delen en samen lachen, soms ook met patiënten die ongeneeslijk ziek zijn.

'Promoveren? Zeg nooit nooit'

Het UMC Utrecht betekent voor mij persoonlijke groei en mogelijkheden om mij te ontwikkelen. Er zijn zoveel mogelijkheden. Ik vind het een mooi bedrijf, waar ik trots op ben. Er zijn veel ‘treinen’ waar je op kan stappen, en leuke dingen gaan doen, maar je moet wel zelf naar het station lopen. Het is een log instituut en als je dan zelf ook nog passief bent, kan het niet veel worden. Het mooie is, ik ben in Utrecht opgeleid en daar neigen ze erg naar de wetenschapskant. Het prikkelt mij om ook iets met die wetenschap te doen. Dat daagt mij uit. Ik ben nu master en de volgende stap is dan promoveren. Ik durf daar nog niet nee tegen te zeggen. Ben me voorzichtig aan het oriënteren. Het heeft ook te maken met de groei die ik doormaak, de ruimte die ik krijg van mijn collega’s om dingen te ontdekken die voor mannen met prostaatkanker nodig zijn. Daar zou ik wel onderzoek naar willen doen. Alles bij elkaar voel ik mij als een vis in het water, ik heb de mooiste functie van de hele wereld.

UMC Utrecht maakt gebruik van cookies

Deze website maakt gebruik van cookies Deze website toont video’s van o.a. YouTube. Dergelijke partijen plaatsen cookies (third party cookies). Als u deze cookies niet wilt kunt u dat hier aangeven. Wij plaatsen zelf ook cookies om onze site te verbeteren.

Lees meer over het cookiebeleid